Waarom plegen mensen drugsgerelateerde delicten in het buitenland?

Het antwoord op de bovengestelde vraag is niet eenduidig. Het is immers onmogelijk om de oorzaak die tot het plegen van (drugs)delicten in het buitenland leidt te benoemen. Niet alleen omdat criminele gedragingen voortkomen uit een combinatie van verschillende factoren, maar ook omdat individuele kenmerken van de pleger en diens persoonlijke omstandigheden een rol kunnen spelen. Achter verschillende plegers van soortgelijke delicten kunnen verschillende motivaties schuil gaan. Uit de resultaten van een grootschalig onderzoek van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (hierna te noemen: het WODC)2 blijkt echter dat het overgrote merendeel van gedetineerden financiële redenen hadden om een drugsgerelateerd delict te plegen. De gedetineerden gaven aan in Nederland financiële problemen te hebben, en hoopten hun financiële problematiek op te lossen door het smokkelen van verdovende middelen snel een groot geldbedrag te verdienen. Het is een feit van algemene bekendheid dat de opbrengst van drugssmokkel per transport op kan lopen tot enkele duizenden euro's. Ook gaven gedetineerden aan de delicten te hebben gepleegd om geld te verdienen om hun familie te helpen. Voorts is uit het zojuist genoemde onderzoek gebleken dat een aantal gedetineerden zich gedwongen voelden om het delict te plegen, veelal om een schuld af te betalen. Het gevoel gedwongen te zijn tot het plegen van drugsgerelateerde delicten kan voortkomen uit de situatie, de noodzaak om schulden te betalen, maar kan ook voortkomen uit de dreiging van fysiek geweld door bijvoorbeeld een criminele organisatie of individu. Een fenomeen dat het afgelopen jaar in het nieuws is geweest zijn loverboys die hun jonge slachtoffers overhalen of dwingen drugs te smokkelen in het buitenland3. Afgelopen najaar kwam Mandy Pijnenburg vrij, na drie jaar detentie in de Dominicaanse Republiek vanwege de smokkel van cocaïne. Pijnenburg stelt dat zij gedwongen is door een groep loverboys om drugs te smokkelen in de Dominicaanse Republiek.

Andere redenen voor het plegen van drugsgerelateerde delicten die in het onderzoeksrapport worden genoemd zijn de kick en de spanning van het delict. Een minderheid van de Nederlandse gedetineerden gaf aan dat zij niet wisten dat zij een delict pleegden (zij moesten een koffer/pakketje meenemen, zonder te weten dat er drugs in zaten) of zeiden onschuldig te zijn.

Uit de enquêtes die het WODC afnam onder Nederlandse gedetineerden in het buitenland bleek dat de gedetineerden het risico op straf (de pakkans) vaak laag inschatten. Ook gaven de gedetineerden van tevoren niet op de hoogte te zijn van de zwaarte van straffen in het buitenland. Gedetineerden verkeerden in de praktijk dikwijls in de veronderstelling dat de straffen in het buitenland hetzelfde zijn als in Nederland of zij gaven aan dat zij verwachtten dat de Nederlandse ambassade wel snel zou kunnen regelen dat de gedetineerde naar Nederland zou worden overplaatst. Benadrukt moet worden dat straffen op drugsgerelateerde delicten in het buitenland vaak veel hoger zijn dan in Nederland, bovendien zijn de omstandigheden waarin de straffen uitgevoerd worden vaak heel zwaar. De uitlevering van een gedetineerde aan Nederland is geen vanzelfsprekendheid. Nederland heeft met lang niet alle landen een uitleveringsverdrag en bovendien zijn aan uitlevering bepaalde voorwaarden verbonden (zie www.prisonlaw.nl). De gedetineerden staan onvoldoende stil bij de risico's en focussen zich alleen in het merendeel van de gevallen op het financiële gewin van het delict.

Een mogelijke verklaring voor het plegen van drugsdelicten in het buitenland kan gevonden worden in de rational choice theory. Deze theorie stelt dat de pleger van een delict een afweging maakt tussen de verwachte kosten en de verwachte baten van een delict. Op basis van deze afweging besluit de pleger het delict wel of niet te plegen. Uit het eerdergenoemde onderzoek van het WODC komt naar voren dat voor een meerderheid van de plegers de baten van het delict duidelijk waren (financieel gewin, de mogelijkheid om schulden af te betalen en snel een flinke som geld te verdienen), terwijl de kosten van het delict (de hoogte en omstandigheden van straf en de pakkans) onduidelijk waren. De afweging tussen de verwachte kosten en de verwachte baten zullen in dit geval resulteren in het plegen van het delict. De voordelen van het delict lijken immers groter dan de nadelen.

Indien uitgegaan wordt van de rational choice theory, kan geconcludeerd worden dat voorlichting een cruciale rol speelt in het voorkomen dat Nederlanders drugsgerelateerde delicten plegen in het buitenland. Wanneer de pleger goed op de hoogte is van de potentiele kosten van een delict (lange gevangenisstraffen in vaak erbarmelijke omstandigheden of zelfs de doodstraf) zou de kosten-baten afweging weleens anders kunnen uitvallen. De pleger zou kunnen concluderen dat de baten van het drugsdelict (het financiële gewin) niet opwegen tegen de potentiele kosten (de mogelijke bestraffing) en afzien van het delict.

Ten aanzien van de centrale vraagstelling van dit artikel, moet uit het onderzoek van het WODC geconcludeerd worden dat de meeste Nederlandse gedetineerden financiële redenen hadden om drugsgerelateerde delicten in het buitenland te plegen. Bovendien waren de gedetineerden zich onvoldoende bewust van de risico's en gevolgen van de delicten in het buiteland.

De aangehaalde rational choice theorie onderschrijft het belang van een actieve voorlichtingscampagne van de overheid en belangenorganisaties. Van belang is potentiele plegers te doordringen van de mogelijke negatieve gevolgen van het plegen van een drugsdelict in het buitenland, en op die manier te voorkomen dat een pleger een besluit neemt, verblind door de verwachte winst van het delict.


1 Miedema, F. & Stoltz, S. (2008). Vast(gelopen) in den vreemde. Een onderzoek naar het hoge aantal Nederlanders in buitenlandse detentie. WODC.

2 Miedema, F. & Stoltz, S. (2008). Vast(gelopen) in den vreemde. Een onderzoek naar het hoge aantal Nederlanders in buitenlandse detentie. WODC.

3 www.nos.nl