Peru

Artikelindex

Peruaans (straf)rechtsysteem

3.1 Gearresteerd, wat nu?
De Peruaanse straffen zijn in vergelijking met de Nederlandse straffen hoog en de omstandigheden waaronder de gevangenisstraffen ten uitvoer worden gelegd zijn zwaar. Gehoorzaam dus de wet! Bovendien kent Peru een zeer strenge anti-narcoticawetgeving. In de laatste wijziging van de wetgeving betreffende verdovende middelen in 2003 zijn de straffen voor deze delicten geherstructureerd.

Er wordt nu een onderscheid gemaakt tussen de verschillende soorten drugs en de hoeveelheid van de substanties. Overtreding van de drugswetgeving wordt, ook als het slechts om kleine hoeveelheden gaat, bestraft met zeer langdurige gevangenisstraffen. Het advies van PrisonLAW luidt dan ook om drugs te vermijden. Neem geen pakjes aan, ook niet van bekenden. Weerhoudt u van het gebruik en het bezit van drugs. Kortom wees op uw hoede!

Indien u desondanks wordt verdacht van een strafbaar feit en bent gearresteerd, dring er bij de autoriteiten op aan dat de Nederlandse ambassade, of het Nederlandse consulaat, over uw aanhouding wordt geïnformeerd. De ambassademedewerkers kunnen dan uw familie informeren over uw arrestatie. Wat zij NIET kunnen is u uit de gevangenis krijgen. Ook hebben zij niet de bevoegdheid om zich met het verloop van de strafzaak te bemoeien.

Verder is het zaak om direct na uw aanhouding juridische bijstand te verkrijgen. PrisonLAW kan u hierbij verder helpen. Het is daarom van belang dat u zo snel mogelijk na uw arrestatie contact laat opnemen met PrisonLAW.

Voor overige informatie over wat te doen bij arrestatie in het buitenland kunt u ook de brochure op de website van het Ministerie van Buitenlandse Zaken bekijken: Gearresteerd in het buitenland.

3.2 Gerechtelijke structuur
In de grondwet van Peru is de gerechtelijke structuur vastgelegd. De rechterlijke macht is een orgaan van de Peruaanse overheid en bestaat uit vier hiërarchische instanties.

Iedere rechtbank heeft een bepaald geografisch gebied waarover zij rechtsmacht heeft. De hoogste rechterlijke instantie van Peru is de Hoge Raad van de Republiek Peru (la Corte Suprema de Justicia de la República del Perú). De Hoge Raad behandelt zaken uit het hele land en is gevestigd in de hoofdstad Lima. De Hoge Raad doet uitspraak in laatste instantie

Daarnaast kent Peru 29 Hooggerechtshoven (la Corte Superior de Justicia de Lima en de Corte Superior de Justicia del Cono Norte). De hooggerechtshoven hebben elk rechtsmacht een eigen arrondissement. Een hooggerechtshof kan bestaan uit kamers die optreden in verschillende steden en provincies binnen hetzelfde arrondissement. De kamers van een hooggerechtshof doen uitspraak in tweede en laatste feitelijke aanleg, behoudens in de wet voorgeschreven uitzonderingen.

Naast het Corte Suprema en de verschillende Cortes Superior, zijn er gespecialiseerde en gemengde gerechten. In respons op de zwaar beladenheid van zaken en de dringende behoefte aan gerechtelijke diensten heeft het Opperste Hof van Justitie de volgende gespecialiseerde gerechten ingesteld: burgerrechtelijke, strafrechtelijke, arbeidsrechtelijke, publiekrechtelijke, administratief rechtelijke, anti-corruptie, en anderen gerechten met extra gespecialiseerde jurisdictie. Iedere provincie heeft op zijn minst één gespecialiseerd of gemengd gerecht met provinciale jurisdictie. De gespecialiseerde en gemengde gerechten zijn de gerechten in eerste aanleg.

Tot slot zijn er de Courts of Peace (DeJuzgadosde pazletrados) welke jurisdictie hebben over een district. De districten zijn onderdelen van de verschillende provincies. De Peace Courts doen uitspraak over civielrechtelijke, arbeidsrechtelijke, geringe vorderingen en strafrechtelijke zaken. Tegen de uitspraken van een Peace Court gaat men in beroep bij een van de gespecialiseerde of gemengde gerechten.

3 Peruaans strafrecht
In het Peruaanse Wetboek van Strafrecht (Código Penal, ingevoerd in 1991) staan bepalingen met betrekking tot het strafrecht. In dit wetboek worden de delicten, sancties, verzachtende en verzwarende omstandigheden omschreven. Het gaat hierbij dus om een inhoudelijke omschrijving – het materieel deel – van het strafrecht.

Sancties
Het Peruaans strafrecht kent verschillende straffen die opgelegd kunnen worden voor strafbaar gestelde handelingen. Ten eerste kan een gevangenisstraf worden opgelegd. Er bestaat een onderscheid tussen tijdelijke gevangenisstraf en de levenslange gevangenisstraf. De gevangenisstraffen worden ten uitvoer gelegd in een van de gevangenissen die verspreid liggen over het gehele land.

Op het moment bestaat er geen regeling voor een algemene minimum of een algemene maximum straf. In het verleden bestond er een algemene minimumstraf van 2 dagen gevangenisstraf en een maximum gevangenisstraf van 35 jaar. Deze regelingen zijn echter bij wet ongrondwettelijk verklaard en afgeschaft.

De rechter kan eveneens bepalen dat een gedetineerde, nadat zijn gevangenisstraf ten uitvoer is gelegd, zich dient te verwijderen uit Peru. Deze straf zou in het Nederlands verbanning worden genoemd. Dit kan zowel aan onderdanen van Peru als aan buitenlanders worden opgelegd.

Ten tweede bestaan er straffen die geen vrijheidsbeneming inhouden, maar wel een beperking leggen op bepaalde rechten van een veroordeelde. Hierbij moet men denken aan taakstraffen en bijvoorbeeld aan verplichte deelname aan educatieve evenementen. Deze straffen kunnen worden opgelegd naast een gevangenisstraf of ook als hoofdstraf bij de meest lichte vormen van strafrechtelijke gedragingen. Voor de goede orde: drugsdelicten vallen hier nadrukkelijk niet onder.

Ten derde kan een geldboete worden opgelegd. Deze straf legt een verplichting op aan de veroordeelde om een bepaalde bedrag aan de staat te betalen. Het totaal bedrag kan worden vastgesteld aan de hand van 25% tot 50% van het totale daginkomen van een veroordeelde. Overigens kan de geldboete worden berekend over een maximum van 365 dagen. Deze straf kan samen met een vrijheidsstraf worden opgelegd, maar ook als alternatief voor een gevangenisstraf. Wanneer iemand de opgelegde geldboete niet kan betalen, wordt deze omgezet in een gevangenisstraf.

Tot slot is het ook mogelijk om een voorwaardelijke straf opgelegd te krijgen waarbij men zich dient te houden aan bepaalde voorwaarden. Er bestaan verschillende soorten voorwaardelijke straffen in Peru welke allemaal als alternatief voor een gevangenisstraf worden opgelegd.

Opgemerkt dient te worden dat bovengenoemde straffen (taakstraffen, voorwaardelijke straffen) niet altijd opgaan voor buitenlandse gedetineerden.

Doodstraf
In de grondwet van 1979 is de doodstraf voor ‘gewone delicten’ afgeschaft. Echter, onder uitzonderlijke omstandigheden kan de doodstraf nog steeds worden opgelegd in Peru. Dit houdt in dat alleen strafrechtelijke gedragingen gepleegd in oorlogstijd of genocide onder het militair recht kunnen worden bestraft met de doodstraf. Moord wordt gekwalificeerd als een ‘ordinary crime’ en daarvoor kan de doodstraf niet worden opgelegd.

In 2007 was President Alan Garcia voornemens de doodstraf te her-introduceren ten aanzien van terroristische misdrijven. Zijn voorstel werd echter niet aangenomen. Als Peru de voorwaarden voor het opleggen van de doodstraf namelijk had verruimd, zou dit in strijd zijn met ‘the American Convention of Human Rights’. Dit verdrag is ondertekend door Peru.

Delicten
In het Peruaanse Wetboek van Strafrecht worden diverse gedragingen strafbaar gesteld. Onder andere de volgende handelingen worden als misdrijf gekwalificeerd: misdrijven tegen de staat, zedendelicten, verkrachting, aanranding, seksueel contact met minderjarigen (iedereen onder de 18 is minderjarig in Peru), abortus , mishandeling, diefstal, fraude, drugs, misdrijven tegen het leven (o.a. moord en doodslag). Bovenstaande opsomming is niet limitatief en slechts ter indicatie; het Peruaans strafrecht kent nog meer misdrijven.

Nederlandse gedetineerden in Peru zitten in veruit de meeste gevallen gedetineerd in verband met overtreding van de anti-drugswetgeving.

Drugsdelicten
Bijna 12.000 personen zitten gevangenen in Peru wegens drugsdelicten. Opsluiting wegens drugsgerelateerde delicten vormt een van de grootste oorzaken van overbevolking binnen de gevangenissen van Peru.

Peru heeft een zeer strenge anti-narcoticawetgeving. Veel gedetineerden bevinden zich nog voorlopige hechtenis en zijn in afwachting van een eerste uitspraak van de rechter, zonder een mogelijkheid op een eventueel voordeel dat het mogelijk zou maken om de straf te verminderen. de laatst geamendeerde drugswetgeving van 2003 zijn de straffen voor drugsgerelateerde delicten geherstructureerd. De nieuwe wetgeving maakt een duidelijk onderscheid tussen verschillende soorten drugs. Voor de ‘algemene’ drugsdelicten kan een gevangenisstraf worden opgelegd van 8 tot 15 jaar, voor het bezit van drugs een gevangenisstraf van 6 tot 12 jaar en voor de meest ernstige gevallen een gevangenisstraf van 15 tot 25 jaar. Bij de meest ernstige gevallen kan men denken aan drugshandel in de hoedanigheid van een criminele organisatie.

3.4 Peruaans strafprocesrecht
Het Peruaans strafprocesrecht staat beschreven in het Código Procesal Penal (laatst gewijzigd in 2004). In dit wetboek van Strafvordering wordt alles geregeld wat te maken heeft met het strafproces. Hierbij valt te denken aan welke autoriteiten welke verantwoordelijkheden en bevoegdheden hebben, hoe het strafproces verloopt, maar ook hoe lang de voorlopige hechtenis mag voortduren.

Algemene bepalingen
Peru heeft een nieuw strafprocesrechtelijk systeem geïmplementeerd met het nieuwe Codigo Procesal Penal (2004), dat een snellere en effectievere berechting moet bewerkstelligen. Daarnaast zou er in dit nieuwe systeem de naleving van de mensenrechten beter zijn gewaarborgd. Het nieuwe strafvorderlijke systeem kan worden onderverdeeld in drie stadia: het voorbereidend onderzoek, de tussenfase en het onderzoek ter terechtzitting.

In het voorbereidend onderzoek wordt aan het Openbaar Ministerie het exclusieve recht om te vervolgen – het zogenaamde vervolgingsmonopolie - gegeven. Bovendien ligt de bewijslast bij het Openbaar ministerie, dat tevens is belast met de leiding over het opsporingsonderzoek.

Het doel van het voorbereidend onderzoek is om een eventuele strafrechtelijke vervolging in te stellen. In deze fase wordt onder andere gekeken naar de aard van het delict, de omstandigheden van het geval en de schade die is veroorzaakt. Indien een gedetineerde bekend dan kan Justitie in deze fase al tot een (lagere) strafeis komen of een deal sluiten met de gedetineerde.

In de tussenfase wordt een beslissing genomen over de vraag of voldoende gronden aanwezig zijn om de zaak ter beoordeling aan een rechter voor te leggen. Deze beslissing wordt genomen door de onderzoeksrechter – te vergelijken met de Nederlandse rechter-commissaris. De onderzoeksrechter hoort zowel de verdachte als de officier van justitie voordat hij tot een beslissing komt. In deze fase van het geding wordt veelal ook de strafeis geformuleerd.

Het onderzoek ter terechtzitting is openbaar, mondeling en onmiddellijk. Zowel de verdachte als het openbaar ministerie moet in staat gesteld worden het bewijs aan de kaak te stellen. Dit vloeit voort uit het “onmiddellijkheidsbeginsel” en het beginsel van “equality of arms”.

De behandeling van de zaak gedurende het onderzoek ter terechtzitting wordt voorgezeten door drie rechters, die beraadslagen over het bewijs en de verklaringen voordat ze tot een oordeel komen.

Zowel de verdachte als het openbaar ministerie kan hoger beroep instellen bij het Hooggerechtshof (la Corte Superior) en vervolgens cassatie bij de Hoge Raad (la Corte Suprema).

In het wetboek van Strafvordering wordt tevens geregeld dat een verdachte in alle fasen van het onderzoek recht heeft op juridische bijstand en, indien nodig, op een tolk.

Arrestatie
Wanneer iemand verdacht wordt van een delict waarop een gevangenisstraf staat, kan een arrestatiebevel uitgegeven worden. Zonder dit arrestatiebevel kunt u niet worden opgepakt. Dit is echter anders indien sprake is van een aanhouding op heterdaad; in een dergelijke situatie is een arrestatiebevel niet vereist. Het arrestatiebevel heeft een geldigheidsduur van zes maanden.

Bij drugsmisdrijven heeft het arrestatiebevel géén vervaldatum. Deze blijft geldig totdat het arrestatiebevel daadwerkelijk ten uitvoer is gelegd.

Na de aanhouding wordt de gedetineerde door de politie in bewaring gesteld (la detencion policial). Deze procedure is geregeld in de Peruaanse grondwet. Op het politiebureau kunt u maximaal 24 uur worden vastgehouden. Bij terroristische en drugsmisdrijven is dat vijftien dagen met een eventuele verlenging van vijftien dagen (artikel 2(24)(f) van de Peruaanse Constitutie). Artikel 2(24)(f) van de Peruaanse Constitutie moet worden gezien als een aanvulling op het Peruaanse wetboek van strafvordering.

Voorlopige hechtenis
Als er een officiële aanklacht ligt door de officier van justitie wordt de opdracht gegeven tot voorlopige hechtenis (la prisión preventiva) wegens verdenking van een misdrijf. U bevindt zich dan in het eerste stadium van het strafvorderlijke systeem: het voorbereidend onderzoek.

De duur van de voorlopige hechtenis mag op grond van het “nieuwe” strafvorderlijke systeem niet meer bedragen dan negen maanden. Deze termijn kan echter met nog eens negen maanden worden verlengd indien het om een complex onderzoek gaat (artikel 272 Codigó Procesal Penal). Ingeval sprake is van bijzondere omstandigheden kan de termijn hierna nogmaals met achttien maanden worden verlengd. In totaal kan de voorlopige hechtenis dus oplopen tot 36 maanden. De officier van justitie dient voor deze laatste verlenging een officiële aanvraag in te dienen bij de rechter. De rechter dient vervolgens een hoorzitting in te plannen binnen drie dagen. Na het horen van beide partijen moet de rechter binnen 72 uur na de hoorzitting uitspraak doen over de verlenging van het voorarrest.

Zowel bij het politieverhoor als bij het verhoor door de officier van justitie heeft u het recht om te zwijgen.

Gerechtelijke procedure
De gang van zaken tijdens de rechtszaak wordt weergegeven in het Wetboek van Strafvordering (Código Procesal Penal), artikel 375 en verder. De rechtszittingen in Peru zijn in principe openbaar.

Een gerechtelijke procedure ziet er globaal als volgt uit (artikel 376 t/m 391):

  • Identificatie van de verdachte
  • Het horen van getuigen en deskundigen
  • Onderzoek naar het materieel bewijs
  • Pleidooi van de openbare aanklager
  • Pleidooi van de advocaat
  • Laatste woord verdachte
  • Beraadslaging door de rechter
  • Uitspraak door de rechter

Tegen de beslissing van de rechtbank kan beroep worden ingesteld bij La Corta Superior (artikel 421 e.v.). Tegen de beslissing van La Corta Superior kan in cassatie worden gegaan bij La Corta suprema (artikel 427 e.v.).

Mogelijkheden straftijdverkortingen
In Peru zijn er verschillende mogelijkheden om straftijdverkorting te krijgen. De belangrijkste zijn:

  • Gratie, op grond van deze regeling is het mogelijk om op grond van (zeer) bijzondere omstandigheden de President van Peru te verzoeken om gratie. In de praktijk wordt dit zelden toegekend;
  • Semi-libertad, op grond van deze regeling is het mogelijk een verzoek in te dienen om de gevangenis vroegtijdig te verlaten. U mag echter het land niet verlaten;
  • Liberación Conditional, deze regeling is vergelijkbaar met semi-libertad. Verschil is echter dat er een groter gedeelte van de straf moet zijn uitgezeten voordat er een beroep op deze regeling kan worden gedaan. Bovendien gaat het bij deze regeling om ander soortige delicten.

Indien u meer wil weten over de inhoud en toepasbaarheid van bovenstaande regelingen kunt u contact opnemen met PrisonLAW.

Referenties: