Geschiedenis

Traditionele Japanse legendes stellen dat Japan in de 7de eeuw v. Chr. is opgericht door de voorouderlijke keizer Jimmu. Gedurende de eeuwen hierna heeft de Chinese cultuur een grote invloed op de Japanse samenleving gehad (o.a. introductie Chinese schrijfsysteem en Boeddhisme). In 646 werd Japan omgevormd tot een centralistische staat naar Chinees model (Taika reformatie). De gehele staat werd eigendom van de keizer, en de adel – die tot dan toe Japan had bestuurd – kreeg nu hoge posten in een nieuw, uitgebreid ambtenarenapparaat. Van 1192 tot 1867 regeerde de Shoguns (van oorsprong een hoge militaire titel) Japan feitelijk. In 1600 werd Ieyasu Tokugawa de nieuwe Shogun. Hij richtte een gecentraliseerde politiestaat op. In 1615 verbood de regering het christendom en in 1639 werden alle contacten met het buitenland verboden. De Nederlanders mochten als enige Europeanen contact onderhouden via het eilandje Desjima in de haven van Nagasaki. Die periode van afzondering heeft geduurd tot 1867.

In 1853 dwong de Amerikaanse commodore Perry de Shogun de havens open te stellen voor westerlingen. Als reactie hierop nam de keizer (Mutsuhito) zelf de regering op zich. Tijdens zijn regeringsperiode van 1867 tot 1912 - die bekend staat als de Meiji periode – werd het land in snel tempo gemoderniseerd.

Japan groeide uit tot een wereldmacht en zijn nieuwe ambities leidden tot oorlogen met China en Rusland. In de Eerste Wereldoorlog verklaarde Japan Duitsland direct de oorlog, en nam de Duitse bezittingen in China en de Stille Oceaan in bezit.

Op 7 december 1941 vielen de Japanners de Amerikaanse vloot in Pearl Harbor aan, wat leidde tot de deelname van de VS aan de Tweede Wereldoorlog. Veel Nederlandse burgers zaten in die tijd in Jappenkampen, welke veel levens hebben geëist. Sommige vrouwen werden tot prostitutie gedwongen door Japanse soldaten, de zogenaamde ‘troostmeisjes’. Vanaf 1944 heroverden de Amerikanen beetje bij beetje de door Japan veroverde gebieden. De oorlog eindigde in 1945 door de aanval van de Sovjet-Unie en nadat er Amerikaanse atoombommen op Hiroshima en Nagasaki waren gegooid. Op 14 augustus 1945 besloot de Japanse leiding zich onvoorwaardelijk over te geven.

Naoorlogs Japan, nu beperkt tot haar huidige grootte, bleef onder de controle van Amerika tot het in werking treden van het Vredesverdrag van San Francisco in 1952. Gedurende die periode bloeide de welvaart op de eilanden weer op dankzij een uitzonderlijk economisch herstel. Tijdens de bezetting kwam er ook een nieuwe grondwet, waarbij voor de keizer nog slechts een ceremoniële taak overbleef.

Op aandringen van de VS werd een politiemacht van 100.000 man opgericht, feitelijk gewoon een leger dat van de grondwet niet zo mocht heten. Later is de grondwet veranderd, en sprak men van een "zelfverdedigingsmacht”.


Regeringsvorm/politiek systeem 

De eerste grondwet (‘kenpo’) in Japan kwam tot stand tijdens de Meiji periode in 1889 maar toen lag het grootste deel van de macht bij de keizer. Het was dus nog geen echte democratische grondwet. Pas na de Tweede Wereldoorlog hebben de Amerikanen een (westerse) grondwet opgesteld en die is in 1946 van kracht geworden. Hierin ligt de macht bij het volk via verkiezingen en een democratisch gekozen parlement.

Formeel staat nog altijd de keizer (Akihito) aan het hoofd. Hij is het symbool van Japan en van de eenheid van het volk. De keizer heeft in 1947 van zijn politieke macht afstand gedaan en sindsdien berust de soevereiniteit bij het volk. De keizer heeft een ceremoniële functie en is in het Shintoïsme ook de hogepriester.

Japan is een democratie. De uitvoerende macht ligt bij het parlement (Kokkai/Diet). Volgens de Japanse grondwet is het parlement de belangrijkste van de drie machten. Het parlement bestaat uit twee kamers: het Lagerhuis (Shugiin) en het Hogerhuis (Sangiin). Het parlement instrueert de keizer bij de benoeming en het ontslag van de hoofden van de uitvoerende en rechterlijke macht. Het hoofd van de uitvoerende macht (premier of minister-president) wordt benoemd door de keizer op voordracht van het parlement. Hij moet burger zijn en lid van een van de twee Kamers. De Minister-president leidt het kabinet – de regering van Japan.

Het kabinet (Naikaku) bestaat uit de Minister-president en 14 andere leden, Minister van Staat genoemd. Het kabinet draagt een collectieve verantwoordelijkheid ten opzichte van het parlement en dient ontslag te nemen als er een motie van wantrouwen wordt goedgekeurd door het Lagerhuis.

De rechterlijke macht is onafhankelijk van de andere twee machten. De rechters worden benoemd door de keizer op voordracht van het parlement. De Japanse rechterlijke macht bestaat uit verschillende rechtbanken met als hoogste het Hooggerechtshof.


Rechtssysteem 

Instanties
Er zijn vier verschillende (straf)rechterlijke instanties in Japan.

  • Summary Courts (Kan\\\\\\\'i-saiban-sho): die behandelen de wat lichtere delicten en kunnen verdachten slechts in een paar uitzonderlijke gevallen een gevangenisstraf opleggen.
  • District Courts (Chihō-saiban-sho): hier worden de zwaardere delicten (‘misdrijven’) behandeld. Door drie rechters als het gaat om feiten waar meer dan 1 jaar gevangenisstraf voor kan worden gegeven; in andere gevallen oordeelt 1 rechter over de feiten.
  • High Courts (Kōtō-saiban-sho): drie rechters behandelen het hoger beroep van de Summary of District courts.
  • Supreme Court (Saikō-saiban-sho): dit orgaan kan – net zoals de Hoge Raad in Nederland – enkel oordelen of het recht verkeerd is toegepast en niet meer over de feiten.

Juryrechtspraak
Momenteel beoordelen enkel professionele rechters strafzaken. Dit zal per 21 mei 2009 veranderen. Dan wordt een vorm van juryrechtspraak ingevoerd. Zes leken – willekeurig gekozen burgers – zullen samen met drie rechters bij zwaardere strafzaken (zoals moord en brandstichting) bepalen of een verdachte schuldig is en een straf opleggen. Zij kunnen ook de doodstraf opleggen.

Vervolging
Het systeem van voorarrest in Japan (“Daiyo Kangoku”) werkt als volgt.

Na de arrestatie van een verdachte moet de politie de zaak binnen 48 uur aan de aanklager voorleggen. De aanklager moet op zijn beurt de verdachte inlichten over de aanklacht en aangeven dat hij recht heeft op een advocaat. Binnen nog eens 24 uur moet de aanklager de zaak aan een rechter voorleggen en verzoeken om een detentiebevel. Dit bevel geldt in principe voor 10 dagen maar wordt vrijwel altijd verlengd met tien dagen. Dit betekent dat een verdachte in totaal 23 dagen kan worden vastgehouden door de politie. In die 23 dagen doen politie en justitie onderzoek en wordt beoordeeld of de verdachte zal worden vervolgd (de “officiële aanklacht”). Tot aan de officiële aanklacht verblijft de verdachte in een politiecel en wordt vaak en langdurig verhoord. Vele zeggen achteraf onder zware – geestelijke – druk te zijn gezet om een (valse) bekentenis af te leggen!

Verdachten hebben het recht om te zwijgen. Dit moet hen worden meegedeeld voorafgaand aan een verhoor.

Vrijlating tegen een borgsom is eerder uitzondering dan regel in Japan en voor buitenlanders wordt dit vrijwel nooit toegepast.

Een officiële aanklacht wordt ingediend als de aanklager vindt dat er voldoende bewijs is. Dit bewijs wordt pas aan de verdachte bekend gemaakt na die officiële aanklacht (dus nog niet tijdens de periode van het onderzoek: de eerste 23 dagen). Een bekentenis van de verdachte is vaak voldoende voor een veroordeling. De politie doet er dan ook alles aan om een bekentenis te krijgen van een verdachte. Als een verdachte tijdens het verhoor een valse bekentenis heeft afgelegd onder druk van de politie, dan is het heel lastig om dit te bewijzen bij de rechter. In Japan is een uitzonderlijk hoog veroordelingspercentage: circa 99,9% van de zaken die bij de rechter komen, eindigen in een veroordeling!

Na de officiële aanklacht wordt een verdachte meestal overgebracht naar een huis van bewaring; tenzij daar onvoldoende ruimte is: dan blijft hij in de politiecel.

Recht op een advocaat
Een verdachte heeft recht op een advocaat. In Japan hebben advocaten zelf een soort pro deo systeem opgericht. Als je tegen de politie zegt dat je een advocaat ‘on duty’ (“toban bengoshi”) wilt spreken, dan zullen zij de dienstdoende advocaat bellen en die zal zo snel mogelijk langskomen. Het eerste bezoek van de advocaat is gratis. Daarna moet je betalen voor de diensten van een advocaat. Er is wel een systeem dat mensen financieel helpt als zij onvoldoende geld hebben om een advocaat te kunnen betalen.

Iets anders is een “court appointed lawyer”. In dit geval kan er een advocaat door de Rechtbank worden toegewezen (door de overheid betaald), als je aan bepaalde voorwaarden voldoet. Zoals: er moet een detentiebevel zijn afgegeven, een verdachte heeft niet meer dan 500.000 yen te besteden voor een advocaat en voor het feit waarvan je verdacht wordt, staat een gevangenisstraf van meer dan 1 jaar (per 21 mei 2009 wordt dit drie jaar gevangenisstraf of meer).

Rechtszaak
De rechtszaak (zitting) zelf loopt in grote lijnen als volgt:

  • identificatie verdachte;
  • verdachte wordt verteld dat hij het recht heeft om te zwijgen;
  • verdachte krijgt gelegenheid om iets te zeggen over de aanklacht en geeft aan of hij schuldig of onschuldig is;
  • de advocaat houdt zijn openingsbetoog;
  • de aanklager houdt zijn openingsbetoog;
  • het bewijs wordt gepresenteerd/besproken door beide kanten;
  • het eindpleidooi van de advocaat en aanklager;
  • rechter stelt een datum vast voor de uitspraak.

Ook in het geval dat de verdachte verklaart dat hij schuldig is, bestaat de rechtszaak uit tenminste twee sessies/zittingen.

Hoger beroep
De verdachte (en aanklager) kan binnen twee weken in hoger beroep tegen de uitspraak.
De rechtbank zal dan een termijn stellen waarbinnen de reden van het hoger beroep schriftelijk uiteen moet worden gezet. Als de verdachte hoger beroep heeft ingesteld, kan de straf in hoger beroep niet hoger worden dan in eerste aanleg. Als de aanklager hoger beroep instelt, dan kan dat wel.

Tegen de uitspraak van het Hof kan opnieuw hoger beroep worden ingesteld. De Supreme Court behandelt de zaak echter niet meer inhoudelijk maar checkt alleen of het recht goed is toegepast.

Straffen
In Japan bestaan de volgende vijf straffen:
(1) doodstraf,
(2) gevangenisstraf met dwangarbeid,
(3) gevangenisstraf (al dan niet voorwaardelijk),
(4) detentie (minder dan 30 dagen) en
(5) boete.

Als er zowel een gevangenisstraf als een boete wordt opgelegd, dan moet de hele boete zijn betaald voordat je vrijkomt. Als iemand onvoldoende financiële middelen heeft om de boete te betalen, dan kan deze worden afbetaald door te werken/extra vast te zitten.

Spijt betuigen wordt aangemerkt als een strafverlagende omstandigheid.

De doodstraf wordt nog actief uitgevoerd in Japan. De omstandigheden op death row zijn zwaar. De ter dood veroordeelden zitten apart opgesloten en mogen geen contact hebben met mede gedetineerden. De executie (ophanging) gaat gepaard met veel geheimzinnigheid. De ter dood veroordeelde hoort pas over zijn executie op de ochtend zelf. De familieleden en advocaat worden pas naderhand ingelicht.

Drugs
In Japan bestaat geen tolerantie voor drugs (ook niet voor soft drugs). Handel, bezit of gebruik van verdovende middelen wordt streng gestraft. Per kilo hasj bedraagt de strafmaat ongeveer drie jaar en een boete die kan oplopen van 6 tot 21.000 euro. Voor XTC en harddrugs ligt de strafmaat hoger.


WOTS 

Tussen Nederland en Japan bestaat sinds 1 juni 2003 een verdrag ten aanzien van de tenuitvoerlegging van de straf. Het is dus mogelijk om je straf in Nederland uit te zitten in plaats van in Japan. Je moet dan wel voldoen aan een aantal voorwaarden, zoals:

  • je moet Nederlander zijn;
  • de veroordeling moet onherroepelijk zijn;
  • je moet een derde van je straf in Japan hebben uitgezeten;
  • je restantstraf moet nog maximaal zes maanden zijn als het verzoek binnenkomt bij Ministerie van Justitie in Nederland;
  • een opgelegde boete moet geheel zijn voldaan (al dan niet te vervangen door een werkstraf);

Bij de tenuitvoerlegging van de straf wordt in de relatie Japan – Nederland in de meeste gevallen de zogeheten “onmiddellijke of voortgezette tenuitvoerlegging” toegepast. Dit betekent dat de straf die je moet uitzitten in Nederland, gelijk is aan de duur van de opgelegde straf in Japan. Wel geldt in Nederland de regeling van voorwaardelijke invrijheidstelling. Of te wel: als je aan bepaalde voorwaarden voldoet, hoef je maar 2/3 van de straf daadwerkelijk uit te zitten.

Het volgende stappenplan moet worden doorlopen bij een verzoek tot overbrenging naar Nederland:
1. Je moet een schriftelijk verzoek (inclusief instemming met overbrenging) indienen bij de Japanse autoriteiten;
2. De Japanse autoriteiten sturen een kennisgeving met de nodige informatie (duur straf etc) door aan Nederland;
3. Nederland stuurt kennisgeving dat veroordeelde Nederlands onderdaan is en informatie over Nederlands recht. Ook vraagt Nederland om nadere informatie van Japan (vonnis, instemming veroordeelde en opgaaf van het reeds ondergaande deel van de straf);
4. Nadat de stukken zijn ontvangen, legt het Ministerie van Justitie het verzoek voor aan het Gerechtshof te Arnhem;
5. Als het Gerechtshof heeft ingestemd met verzoek, wordt Japan schriftelijk meegedeeld dat ze akkoord zijn met overbrenging.
6. Japan maakt bekend of zij ook akkoord zijn en vraagt Nederland een datum voor overbrenging over te stellen;
7. Japan stelt datum overbrenging vast;
8. Na afloop van overbrenging, bericht Nederland over de verdere tenuitvoerlegging in Nederland.


Gevangenissen 

Soorten
Er zijn twee soorten ‘gevangenissen’:
1. Huizen van bewaring. Hier zitten personen vast die nog niet uitgeprocedeerd zijn.
2. Gevangenis. Als een uitspraak eenmaal onherroepelijk is geworden, wordt de resterende straf uitgezeten in een gevangenis.

Buitenlandse mannelijke gevangenen worden meestal overgebracht naar de Fuchu gevangenis in Tokyo. Vrouwelijke buitenlanders naar Tochigi Prison in Tochigi prefectuur.

Fuchu gevangenis
Fuchu gevangenis is de grootste gevangenis van Japan. Hier zitten zowel Japanners als buitenlanders. De Japanse gevangenen zijn 26 jaar of ouder, hebben een gevangenisstraf van minder dan 8 jaar gekregen, hebben al eerder vastgezeten en zijn lastig om te behandelen. Het zijn over het algemeen meer recidivisten dan echte gevaarlijke criminelen.

Voordat je in Fuchu gevangenis terecht komt, moet je eerst 15 dagen een soort introductiecursus volgen. Alle regels worden dan uitgelegd en er worden testen gedaan met betrekking tot de persoonlijkheid en vaardigheden van de gevangenen.


Leefomstandigheden

Huizen van bewaring
In Japanse huizen van bewaring bestaan veel regeltjes. Om iets te mogen doen (zoals het bezoeken van een arts, het schrijven van een brief ed) moet telkens een schriftelijk verzoek (“gansen”) worden ingediend.

Gevangenen mogen niet bellen. Zij mogen brieven ontvangen en ook brieven sturen. Maar dit laatste is wel aan een maximum gebonden. Brieven die geschreven worden, worden vaak gelezen/gecheckt door de bewaarders, voordat zij verzonden worden. Er mogen bezoekers komen, binnen de daarvoor gestelde tijden.

Bezoekers mogen kleding en boeken ed meenemen. Andere artikelen (toiletspullen, snacks etc) dienen te worden gekocht bij de gevangeniswinkel.

Over het algemeen zijn de Japanse huizen van bewaring veilig met relatief weinig geweld.

Gevangenissen
De gevangenissen hanteren een strikt, bijna militairachtig, regime om de veiligheid en orde te bewaren. De gevangenen dragen uniformen en er is een vastgestelde wijze van lopen, praten, eten, zitten en slapen. Je wordt gestraft als je iets verkeerd doet of op de verkeerde tijd. Hetzelfde geldt voor goed gedrag: dat wordt beloond met meer privileges. Er zijn vier gradaties van gevangenen: hoe hoger de rang, hoe meer privileges.

Gevangenen mogen brieven ontvangen en versturen. Er zit geen limiet aan het ontvangen; wel aan het versturen (momenteel 5 brieven per maand).

Gevangenen mogen bezoek ontvangen van familie en vrienden; als het bezoek maar – kort gezegd –de orde niet verstoord. Het is het beste om bezoek van te voren aan te kondigen bij de gevangenis.

De gevangenis biedt trainingen/opleidingen aan, zoals bijvoorbeeld leer – en houtbewerking en automonteur. Voor buitenlanders bestaat de mogelijkheid om de Japanse taal te leren.

Werken is verplicht als je bent veroordeeld tot een gevangenisstraf met dwangarbeid, zoals het merendeel van de gevangenen in Fuchu. Je moet dan acht uur per dag werken; 168 uur per vier weken. Welk werk je moet doen, wordt bepaald aan de hand van de eerder gehouden persoonlijkheidstesten. Je krijgt een kleine vergoeding voor het werk.

De vrouwengevangenis – Tochigi – hanteert ongeveer hetzelfde systeem, al zijn ze daar iets minder strikt. Ook zijn de trainingen aangepast aan vrouwen.